Michal Jaromin
POLEN

 

"ATLANTIC 97/98 - AVONTUUR IN ZEILEN VOOR DOVEN"

 
Toen ik op de School voor Doven zat in Katowice in Polen, hoorde ik van Mw. Alina Pilarska, de lerares rekenen, over Avontuur in Zeilen voor Doven. Het was voor jongens in de hoogste klas, die geen problemen hadden gegeven, om op een zeiltocht te gaan. Ik was reuze blij dat ik mee mocht gaan over de atlantische oceaan met het zeilschip "Pogoria". Begin juni 1997 gingen we met Monika, Anna en andere maatjes van de technische school in Katowice naar Gdynia (in het noorden van Polen) voor een 3-daagse zeiltest om ons voor te bereiden op de tocht.
 
In april 1998 slaagde ik voor een examen voor de Middelbare School voor Doven in Warschau. In dezelfde maand ontmoette ik in een andere school voor doven in Warschau de andere deelnemers aan deze tocht. Om te beginnen zouden we per bus reizen. Na afscheidszoenen van mijn ouders ging ik op mijn plaats in de bus zitten en we reden naar Spanje. Vanuit Warschau reden we naar Tsjechie, Zwitserland en mooi Frankrijk. Een nacht brachten we door in Albertville -in het zuidoosten van Frankrijk in de Franse Alpen. Toen gingen we naar Cadiz in Spanje. Toen we in Barcelona waren hadden we de gelegenheid de kerk Sagrada Famillia te bezichtigen. Gebouwd door de spaanse architect Antonio Gaudi. Ongeveer 155 miles voor Cadiz zagen we de Afrikaanse kust en Gibraltar. In Cadiz kwamen we een andere groep tegen die al had gezeild met de "Pogoria". Wij gingen aan boord en de andere groep ging terug naar Warschau. Aan boord werden we in vier groepen verdeeld. Ik zat in de tweede groep.
 
Met de "Pogoria" zeilden we naar Madeira. In het begin voelde ik me wat eenzaam. Ik kon niet wachten om weer naar huis te gaan, naar Polen. Maar na zes dagen was ik dat helemaal vergeten.We zeilden vijf dagen, het was mooi weer en het werk was niet al te moeilijk. Later werd het een stuk moelijker, maar ik geloof wel dat we het er goed van af gebracht hebben.
 
De eerste haven die we aandeden was Madeira. Het heeft bergen en de hoogste top is 850 meter hoog; er zijn veel palmbomen, exotisch fruit en witte huizen met rode daken. Het is bekend vanwege zijn wijngaarden. Madeira is een droomeiland. We bleven 3 dagen. Helaas moesten we toen dit paradijs verlaten, maar met plezier zeilden we naar Oporto in Portugal.
 
Op die dag had ik nachtwacht. Het was niet makkelijk om op te staan, maar ik deed het en waste me in koud water, trok een warm t-shirt aan, een warm wollen hemd, een warme bloes, een warme trui, onderbroek, 2 warme broeken en een waterdichte jas. Oef! Ik ging het dek op en stuurde het zeilschip. Dat was moeilijk: ik had het koud, mijn benen deden zeer en een sterke wind woei in mijn gezicht. Ik had moeite om het kompas te lezen en ik had vreselijk veel slaap op de koop toe. Al die tijd liep ik aan mijn warme boeg te denken. Om twee uuur 's nachts was er een alarm. Iedereen moest aan dek komen en verschillende taken uitvoeren. We moesten veel doen met de zeilen. Toen de dag aanbrak ging iedereen lekker slapen!
 
Na zes dagen bezochten we een van de grootste steden van Portugal, Oporto. Onze gastheren in Oporto waren de mensen van het Piageto Instituut. Dit instituut leidt mensen op die als onderwijskracht willen werken met gehandicapte mensen. We kregen een geweldige receptie. Eerst kwam de poolse ambassadeur in Portugal en andere belangrijke mensen. Het werd buiten gehouden, en we brachten de tijd op aangename wijze door. We probeerden wat portugese gerechten uit en dansten in de disco. Een plaatselijke journalist nam kiekjes en schreef in de krant dat de polen als eerste doven op de Altantische Oceaan zeilden. De doven in Portugal wilden dat ook wel. Daarna bezochten we Fatima en de beroemde kerk daar. Daar bleven we maar kort want er was een bijeenkomt vanwege de portugese kinderen die de Maagd Maria daar hadden gezien. Dit bezoek aan Fatima staat in mijn geheugen gegrift.

De volgende plaats die we bezochten was Viseu, in het midden van Portugal, ongeveer 100 kilometers van Lissabon. Daar is een lagere school voor doven. De leerlingen hadden een aardige show voorbereid. Nadat we terug waren in Oporto kozen we weer het ruime sop.

De tocht van Oporto naar Southend-On-Sea in Engeland was moeilijker dan de voorgaande. Vanwege de krachtige wind was het sturen veel moeilijker, we moesten de veerboten voorrang geven en dat kostte veel tijd. De oranje krabben tussen de franse kust en de engelse kust waren een aardig schouwspel.

In Engeland voelde ik me een beetje vreemd. Ik weet niet waarom, misschien vanwege het klimaat. Met de bus gingen we naar Londen om dove engelse studenten te ontmoeten. Helaas kwamen die niet opdagen – ik weet niet waarom. Maar we maakten de tocht. ‘s Morgens gingen we met de trein naar Londen. We zagen Buckingham Palace, de Big Ben. We gingen met de ondergrondse. We bezochten Southend-On-Sea. Na twee dagen zeiden we Engeland goodbye. En de volgende haven die we aandeden was Kopenhagen, de hoofdstad van Denemarken.. Daarna zeilden we naar Zweden,  maar we deden geen havens aan.

Daarna zeilden we naar de Baltische zee. Ik heb het stadion van FC Oporto gezien en we hebben met poolse voetballers gesproken. Ik kon niet geloven dat onze tocht er op zat en dat we de “Pogoria” vaarwel zouden moeten zeggen. De laatste haven die we zagen was het eiland Bornholm dat deens is. En daar meerden we aan.

Op de laatste dag van mei bereikten we Polen. In Hel pakten we onze rugzakken, boenden de hutten en maakten zo ongeveer het hele schip schoon. De volgende dag gingen we naar Gdynia waar onze moeders en vaders op ons stonden te wachten. Het mooie en schone schip meerde aan in Gdynia.

Eerst was er een stil gebed ter gelegenheid van de behouden vaart, “Atlantic 97/98” en naderhand begroetten we onze ouders. We lieten onze ouders het schip zien en stelden de kapitein voor en de officieren en de bootsman. Met pijn in mijn hart zei ik de “Pogoria” vaarwel.

 De volgende tocht wordt binnen twee of drie jaar gehouden, ws. naar Amerika. Ik zou weer graag mee gaan.