Dit jaar hebben we 77 kinderen uit alle delen van Libanon. Onze kinderen vertegenwoordigen een mengsel van de Libanese samenleving en komen uit alle lagen van de bevolking. Op dit moment hebben we het druk met veel kinderen die terug zijn gekomen vanwege de oorlog. Ze hebben hun dagelijkse huiswerk routine weer opgepakt.
We beleven een voorspoedig jaar en onze studenten gaan goed vooruit met hun lessen en we zijn zeer tevreden.
We hebben tijdens de afgelopen oorlog erg ons best gedaan om zoveel mogelijk informatie te verkrijgen over de veiligheid en het welzijn van onze dove kinderen in Libanon. Lichamelijk zijn de kinderen er goed aan toe, maar de emotionele en psychologische gevolgen van deze gebeurtenissen hebben schade berokkend.
We zijn blij dat het goed ging met hun families, veel waren voor lange tijd geevacueerd naar andere gebieden, voornamelijk in opvangcentra in de Bekka Vallei, o.a. in scholen, kerken en stadiums. Ze hebben veel meegemaakt en woonden onder moeilijke omstandigheden omgeven door vijandigheid en zware bombardementen.
We zijn in de
eerste plaats bezorgd om de psychologische schade en wat voor indrukken
deze afschuwelijke oorlog zal achterlaten op de levens van onze kinderen,
wier recht op overleving en bescherming was geschonden. Ze hebben nu
ondergaan wat hun ouders hun al hadden verteld over voorgaande oorlogen in
hun land.
De
oorlog begon tijdens de zomervakantie en maakte alles kapot waarvan ze
hadden gedroomd. Zij zagen en ervoeren grofheid en geweld. Ondanks alles
echter, kijken zij uit naar een betere toekomst.
Van een paar van onze kinderen waren tijdens de oorlog hun huizen beschadigd, vernietigd en bezaaid met onontplofte bommen.
De meeste kinderen zijn terugekeerd naar hun dorpen. De sociaal-economische toestand van de meeste ouders is verschrikkelijk. De meeste ouders hebben nu geen werk meer en bevinden zich in een hachelijke situatie. Hun bron van inkomsten bestaat niet meer. Voor de meesten is het moeilijk om de eindjes aan elkaar te knopen. Hun gezinnen hebben eten nodig en andere dagelijkse behoeften.
Zoals gewoonlijk hebben de kinderen het het hardst te verduren. Veertig procent van de oorlogsslachtoffers waren kinderen en meer dan 400.000 waren van huis en hof verdreven tijdens de 33 dagen van bombarderen.
Gelukkig was de school niet beschadigd. En we hebben de bussen en de gebouwen nog. De bombardementen waren vrij dicht in de buurt, maar waren voornamelijk in zuidelijk Beiroet.
Ondanks de oorlog hadden we een goed jaar, want twee van onze studenten hebben hun examens met goed gevolg afgelegd.
Momenteel doen we zeer veel moeite om voor onze kinderen van het Instituut zo goed mogelijk te zorgen. De toekomstdromen die onze kinderen hadden zijn aan het verdwijnen. Dat zal konsekwenties hebben voor de toekomst. Maar wij houden ons oog op hun toekomst gericht.
“Ik geloof dat dagelijks leven weer terug zal komen in Libanon. Onze vogels zullen terugkomen”, zei Abbas Arnaout, een 9-jarige dove leerling van FAID. Hem staat een onzekere toekomst te wachten, maar hij durft nog steeds te dromen.Door de oorlog hebben we ook te maken met andere aspecten en moeten voor onverwachte kosten opdraaien.
Op dit moment hebben we te maken met een onplezierige financiele situatie: de economische en politieke onstabliliteit van het land net na de oorlog en de hoge werkeloosheid maken het moeilijk voor ons geld bijeen te krijgen via schenkingen en vrienden in Libanon. Dus dit is voor ons een uitdaging om met ons werk door te kunnen blijven gaan.
U zult zich zonder twijfel realiseren dat onze middelen niet uitgeput mogen raken en uit nood hebben we steun moeten vragen van vrienden van de school. Op dit moment hebben we verscheidene projekten op het oog waar hulp voor nodig is. Zonder hulp is het lastig om de school draaiende te houden.
Onze kinderen sturen hun glimlach die vol liefde is en bidden dat u gezegend zult zijn tijdens dit jaar.
Als U deze school wilt helpen ga dan naar de DFI Cares Program bladzijde:
http://www.workersforjesus.com/dfi/needs/worldinneed.htm Klik op Libanon
In het Nederlands vertaald door Willy van Ooij